Column: De klep op

Bij toeval ben ik schapen gaan houden, mijn liefde lag eigenlijk bij koeien en geiten. Die liefde is nooit verdwenen, die zit nog ergens, maar ik kan er niets mee. Wie heeft dat niet?
Koeien en geiten zijn veel aanhankelijker dan schapen. Ik heb altijd erg van mijn schapen genoten maar van de individuele dieren niet gehouden, ja van enkele.

column-deklepopBij toeval ben ik schapen gaan houden, mijn liefde lag eigenlijk bij koeien en geiten. Die liefde is nooit verdwenen, die zit nog ergens, maar ik kan er niets mee. Wie heeft dat niet?
Koeien en geiten zijn veel aanhankelijker dan schapen. Ik heb altijd erg van mijn schapen genoten maar van de individuele dieren niet gehouden, ja van enkele.

In de twintig jaar dat ik nu schapen houd heb ik afscheid moeten nemen van zo’n 1.000 dieren. Dode lammetjes, dode schapen maar ook lammeren en schapen die ik verkoop ‘voor het leven’ of ‘voor de dood’. Het doel lijkt me duidelijk. ‘Voor het leven heeft mijn sterke voorkeur, maar lammeren die geslacht worden geven wel prachtig lamsvlees.

In als die jaren heb ik me aan minder dan tien dieren gehecht. Aan nummer 198, een gracieus brilschaap met prachtige nakomelingen. Aan de ram Bleuberry, een engelse importram die aan een touwtje met je mee liep omdat hij dat gewend was in Engeland op de Agricultural shows.  Ik heb hem vroegtijdig naar de slager moeten doen omdat hij niet meer bevruchtte. Aan datzelfde touwtje leidt je dan zo’n dier de klep op, de veewagen in. Jij weet waar de ram naar toe gaat, hij zelf niet. Ik heb er soms nog buikpijn van.

Het afvoeren van dieren is onvermijdelijk als je dieren fokt. Dieren waar ik aan gehecht was, maar die te oud werden om mee te fokken mochten van mij soms nog enkele jaren blijven. Tenminste als het gebit nog goed was.  Als oude dieren geen tanden meer hebben kunnen ze niet goed meer grazen en vermageren ze, dan is het leven ook niet meer schaapwaardig.

In januari heb ik afscheid genomen van mijn twee oude blue faced leicester ooien. Ze waren afkomstig van Gerrie, een wolklant van me voor wie ik diep respect had. Gerrie was vroedvrouw en heeft een van de twee, de donkere, een prematuur met de fles grootgebracht. Bij mij had het diertje het zeker niet gered. De zorg die Gerrie er aan gaf, kon ik niet geven. Ze droeg het lammetje bij zich in een draagzak en gaf het zeer regelmatig de fles. Ze nam het overal mee naar toe! De liefde en aandacht die Gerrie aan dit lam gaf zijn me altijd bijgebleven.

Gerrie is enkele jaren geleden overleden, ik heb haar ooien overgenomen. De dieren hadden alleen een emotionele waarde want ik kon er al niet meer mee fokken. Wel vormden ze een plaatje in het weiland. Ik hield ze las ode aan Gerrie. Ze hebben me enkele jaren mooie wol gegeven en voordat ik ze voor de dood weg deed heb ik ze nogmaals geschoren. De ooien zijn nu dood, de wol is er nog. Het was een rationeel besluit afscheid te nemen van de twee oude dames. Ze zouden het niet meer redden. Ook dit afscheid deed pijn, ik wist weer waarom ze de klep van de veewagen op liepen. Bij dieren kun je dat besluit nemen!

Download de column als PDF.

Comments are closed.